|
In
het gevecht tegen de opwarming van de aarde moet de uitstoot van CO2
drastisch omlaag. Nederland wil deze met 30 procent terugdringen.
Kooldioxide
(CO2) is eigenlijk een tamelijk onschuldig gas dat van nature in de
lucht voorkomt. Dit belangrijkste broeikasgas, naast bijvoorbeeld lachgas en
methaan, maakt deel uit van een natuurlijke kringloop. En zolang die kringloop
in evenwicht is, is er niks aan de hand. Maar het probleem is: dat evenwicht is
zoek. Er is te veel CO2 en er komt steeds meer bij.
Niet
dat we daar iets van merken. Koolstofdioxide is een gas dat we niet kunnen
ruiken en niet kunnen zien. We drinken het wel, bijvoorbeeld als we een
colaatjes achterover slaan: kooldioxide veroorzaakt de ‘prik’ in frisdranken.
De
relatie tussen de uitstoot van kooldioxide en onze warmterecords is simpel:
rond de aarde zweeft een schil van broeikasgassen die ervoor zorgt dat de
warmte van de zon op aarde wordt vastgehouden, op een voor ons leefbare
temperatuur. Zonder deze schil van gas zou het hard vriezen op de aarde. Nu er
steeds meer kooldioxide aan de schil wordt toegevoegd, wordt de schil dikker en
krijgen wij het steeds warmer.
CO2
ontstaat door verbranding van fossiele brandstoffen zoals aardolie en aardgas.
De uitstoot hiervan draagt wereldwijd voor meer dan de helft bij aan het
versterkte broeikaseffect. Niet alleen de industrie, maar ook de huishoudens
zijn hier debet aan: een gemiddeld huishouden produceert jaarlijks, door het
verbruik van gas, elektra en vervoer, ongeveer een hoeveelheid broeikasgassen
die gelijk staat aan negen ton kooldioxide. Dat zegt de meest van ons
natuurlijk niks. Tot we ons realiseren dat 450 bomen een jaar moeten groeien en
CO2 opnemen, om die negen ton te compenseren. En zo onze verstoring
van de kringloop weer in balans te brengen. Bij die negen ton moeten we nog
eens acht ton op tellen, omdat alles wat we kopen, aantrekken en opeten niet
uit de vervuilde lucht komt vallen, maar geproduceerd en vervoerd moeten
worden.
Lege
aardgasvelden
De
EU-ministers van milieu hebben met elkaar afgesproken de CO2-uitstoot
te verminderen met ten minste twintig procent. En als niet EU-landen ook
meedoen, willen ze dat optrekken naar dertig procent; Nederland heeft zich al
gecommitteerd aan die dertig procent. Een van de methoden om die uitstoot terug
te dringen, is het opslaan van kooldioxide in lege aardgasvelden. Een ander
belangrijk middel is het systeem waarbij bedrijven kunnen handelen in
emissierechten. Ze krijgen een aantal rechten om CO2 uit te stoten.
Wie zuinig werkt, kan deze rechten deels verkopen op de in Amsterdam gevestigde
European Climate Exchange. Hier is in een jaar tijd zo’n 200 miljoen ton
kooldioxide (dus de rechten om die hoeveelheid uit te stoten) van eigenaar
gewisseld. Bedrijven die veel CO2 uitstoten, kopen emissierechten
van bedrijven die heel zuinig zijn. De kracht van dit handelssysteem is dat het
vervuilers dwingt te betalen voor
overmatige uitstoot. Nu krijgen ze die emissierechten nog, maar het plan is dat
ze daar in toenemende mate voor moeten gaan betalen, en flink ook. Europese
luchtvaartmaatschappijen zitten al hoog in de gordijnen, want zij moeten vanaf
2011 waarschijnlijk fors gaan betalen voor die emissierechten. En de rekening
van € 40 miljard, kunnen ze, naar eigen zeggen, hooguit voor een derde
doorberekenen aan de reizigers. Stroomproducenten en wegvervoerders delen die
vrees. Politici gaan ervan uit dat ze met dit systeem het bewustzijn van
bedrijven vergroten om zuiniger om te springen met energie.
Het
goede nieuws: sommige landen stoten nu al minder kooldioxide uit dan verwacht.
Waaronder Nederland, Zweden, Frankrijk en een deel van België. In Nederland
wordt in totaal 270 miljoen ton uitgestoten, heel Europa was vorig jaar goed
voor een uitstoot van 5,6 miljard ton kooldioxide. Om dat te compenseren heb je
280 miljard bomen nodig.
|